

|
Het dorp St Pieter-op-de-berg. Als een handvol uitgestrooide witte steentjes in een paradijselijk groen landschap kabbelt het dorp rustig voort in zijn bestaan. Zonder haast, zonder zorgen. Zo zien wij dat, bijna anderhalve eeuw later op de maquette in een vergeelde foto. Het bestaan in een dorp onder de rook van de vesting Maastricht kon echter hard zijn. Ook voor de mensen van St Pieter. |
|
In 1701 werd, op initiatief van de Hollandse militaire autoriteiten besloten een enorme lap vruchtbare grond op de berg in beslag te nemen voor de bouw van het fort Sint Pieter. Deze 'spionageluchtfoto' laat goed zien hoe groot dit prestigeproject uitpakte. Het fort was veel méér dan wat wij nu kennen, het werd omringd door aanvullende verdedigingswerken als aarden wallen en diepe, droge grachten. Dat de aarden werken niet van natuurlijke oorsprong waren is goed te zien aan de scherpe, hoekige profielen. |




|
Het fort Sint Pieter moest de uitgestrekte zuidelijke vestingwerken rond de vesting Maastricht dekken tegen een aanval die vanaf de berg werd geleid, zoals dat in 1673 het geval was geweest. De aanval is de beste vorm van verdediging dachten de vestingbouwers, en daarom werd de berg bij voorbaat alvast 'bezet' met een fort. Een aanvallend leger kon het dus vergeten om op die plaats zonder slag of stoot een kampement in te richten of kanonnen op te stellen. |
|
Ondanks de bouw van het fort ging de voortdurende modernisering van de achtergelegen verdedigingswerken gewoon door. Een vogelvluchtopname van het 'kroonwerk' Hessen uit 1727. |




|
Vanuit de Pieterspoort terug naar het fort. Op weg in de richting van Kanne in het Jekerdal zag de reiziger bij het begin van het Jekerdal een merkwaardige, met aarde afgedekte stenen kolos oprijzen uit de berg: het fort Sint Pieter. Het totale fort was even hoog als een flatgebouw van acht verdiepingen. |
|
Voor het fort moest de berg zelfs worden 'uitgebouwd'. In het midden is een mergelstenen keermuur zichtbaar die deze grondmassa op zijn plaats hield. De keermuur bestaat nog steeds, tussen de dichte begroeiing van de westelijke berghelling verscholen. Links, op de voorgrond de Mergelweg. In 1867 had die nog het karakter van een landweg, omzoomd met wat kleine boerderijen. In de flank van de berg zijn mergelrotspartijen zichtbaar, met de hoofdtoegang tot het Noordelijk gangenstelsel. Deze reusachtig grote ingang stortte in 1916 in. |




|
'Luchtfoto' van de noordkant van de Pietersberg. Het kale landschap komt overeen met de werkelijkheid in de negentiende eeuw. In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht is het aantal bomen in en rond de stad de laatste vijftig jaar enorm toegenomen. Vroeger werden gronden zo nuttig mogelijk gebruikt. Geen stukje landbouwgrond bleef onbenut. Het begrip 'groene natuur' was volkomen onbekend. Bomen stonden daarom alleen op plaatsen die nergens anders voor te gebruiken waren, of werden geplant als ze een of ander praktisch doel dienden. Langs hoofdwegen bijvoorbeeld, om reizigers tegen weer en wind te beschutten, of op militaire terreinen om te voorzien in de behoefte aan hakhout. |
|
Op deze warme 29e mei 1867 omzomen frisgroene voorjaarsbomen de militaire toegangsweg tot het fort Sint Pieter. Links daarvan loopt de Luikerweg het plateau van de berg op. Een aantal plaatsnamen en andere aanwijzingen duiden op een waarschijnlijk Romeinse oorsprong van deze stokoude hoofdweg in zuidelijke richting. Oude structuren in het landschap hebben nooit in de belangstelling gestaan van monumentenzorgers: het grootste deel van dit bijzondere monument van infrastructuur is dan ook verdwenen in grote mergelgroeves. Het unieke, holle weggedeelte in de flank van de Pietersberg werd rond 1935 opgevuld zodat het wegdek tegenwoordig op het niveau van de akkers ligt. Samen met de laatste restanten van de eeuwenoude, kleine akkers aan weerszijden ervan wordt deze 'begraven' weg komende jaren vernietigd om plaats te maken voor een enorme, verdiept aangelegde parkeerplaats. |




|
Het fort Sint Pieter gezien vanaf het plateau. Na 1867 is het bovenste deel van het fort grotendeels gesloopt. De overblijvende ruïne werd lange tijd omgeven door dichte bossen die kortgeleden zijn gekapt om het schootsveld rond het fort weer vrij te maken van obstakels die het uitzicht belemmerden. Je weet maar nooit in deze bange tijden... |
|
Het fort in zijn volle glorie. Het bestond vanaf 1822 feitelijk uit twee, boven elkaar gelegen forten. Het onderste, oorspronkelijke werk uit 1701 is goed herkenbaar aan de decoratieve toepassing van mergelsteen in de bekledingsmuren. De opvallend gele plinten, hoekblokken en 'kettingen' in het verder roodbakstenen muurwerk hadden geen constructieve betekenis. Het bonte metselwerk in verschillende steensoorten paste eenvoudigweg in de architectuuropvatting van die tijd. De uitbreidingen van het fort dateren uit een tijd dat juist effen metselwerk getuigde van moderniteit. Daarom is het bovenste fort helemaal uitgevoerd in rode baksteen. Zelfs de voegen tussen de stenen werden rood gekleurd om het beeld niet te verstoren. |




|
Het bovenste gedeelte van het fort Sint Pieter was helemaal bestemd voor de opstelling van kanonnen van diverse types. Er was bijvoorbeeld voorzien in een drietal mortieren die verdekt konden worden opgesteld in een verzonken batterij in de punt van het fort. Met een mortier werden zware granaten schuin omhoog afgevuurd. Na het beschrijven van een boog kwamen ze met grote snelheid uit de lucht vallen in het vijandelijke kamp. Het was de bedoeling dat ze vervolgens explodeerden. Vaak ging het lont 'onderweg' echter uit. In de loop van de negentiende eeuw werden granaten uitgevonden die ontploften wanneer ze doel troffen. |
|
Vanuit het fort kon de wijde omtrek worden overzien: het Maasdal, het Jekerdal en de stad zelf. En beschoten. Nog rond 1835 zijn een aantal kanonbatterijen onder in het fort aangepast om effectief de Maas- en Jekervallei onder vuur te kunnen nemen. De vier schietgaten in de richting van de Maas zijn op deze foto goed zichtbaar. |


|
Ondanks zijn imposante uiterlijk was het fort was in militair opzicht een weinig bruikbaar bouwwerk. Het oorspronkelijke fort lag teveel verzonken in de berg om het plateau effectief te kunnen verdedigen, de uitbreidingen staken juist zover boven de berg uit dat het fort een dankbaar mikpunt was voor eventuele aanvallers. Toch maakte het zijn doelstelling waar: na de bouw van het fort is er geen belegeraar meer geweest die vanaf deze plaats een aanval begon. In 1794 heeft het Franse leger geprobeerd het fort te vernietigen door vanuit de grotten de hele berg op te blazen. Na het ontsteken van een grote lading kruit volgde inderdaad een enorme explosie, maar in het fort was geen scheurtje te bekennen. |










Please wait while we load